Sneltoetsacties activeren inSecurity Center - Security Center 5.11

Gebruikershandleiding Security Center 5.11

Applies to
Security Center 5.11
Last updated
2022-11-18
Content type
Handleidingen > Gebruikershandleidingen
Language
Nederlands (Nederland)
Product
Security Center
Version
5.11

U kunt sneltoetsacties maken die kunnen worden geactiveerd met de functietoetsen op uw toetsenbord of vanuit het meldingenvak.

Wat u moet weten

Een sneltoetsactie is een Actie die is toegewezen aan de functietoets van een computertoetsenbord. U kunt een sneltoetsactie in Security Desk activeren door op Ctrl +functietoets te drukken (bijvoorbeeld Ctrl+F1 activeert de eerste sneltoetsactie in de lijst). U kunt sneltoetsacties ook activeren vanuit het meldingenvak.
OPMERKING: Het toewijzen van een sneltoetsactie aan een functietoets is specifiek voor uw gebruikersaccount.

Procedure

  1. Klik in het meldingenvak op Sneltoetsacties ().
  2. Klik in het dialoogvenster Sneltoetsacties op Bewerken.
  3. Klik op Toevoegen ().
  4. Voer in het veld Naam een naam in voor de sneltoetsactie.
  5. Selecteer een actietype in het venster Een actie configureren en geef de aanvullende instellingen op die nodig zijn voor de actie.
  6. Klik op OK.
    De sneltoetsactie wordt gemaakt en het dialoogvenster Sneltoetsactie wordt gesloten.
  7. Klik op Sneltoetsactie () in het meldingenvak om het dialoogvenster Sneltoetsacties opnieuw te openen.
  8. (Optioneel) Klik op om het dialoogvenster Sneltoetsactie vast te zetten aan de zijkant van uw toepassingswerkruimte.
  9. (Optioneel) Klik op Bewerken en selecteer een of beide van de volgende:
    • Klik op Toevoegen () om nog een sneltoetsactie te maken.
    • Klik op Verwijderen () om de geselecteerde sneltoetsactie te verwijderen.
    • Klik op Bewerken () om de geselecteerde sneltoetsactie te bewerken.
    • Als u meerdere sneltoetsacties hebt gemaakt, klikt u op om een geselecteerde sneltoetsactie hoger in de lijst te plaatsen. Dit verandert de functietoets waaraan de actie is toegewezen.
    • Als u meerdere sneltoetsacties hebt gemaakt, klikt u op om de geselecteerde sneltoetsactie lager in de lijst te plaatsen. Dit verandert de functietoets waaraan de actie is toegewezen.
  10. Klik op Gereed.
    De sneltoetsacties die u hebt gemaakt, worden weergegeven met hun toegewezen functietoetsen (F1, F2, enzovoort).
  11. Activeer de sneltoetsactie op een van de volgende manieren:
    • Selecteer de sneltoetsactie en klik op Uitvoeren.
    • Druk op Ctrl+Fn.

Voorbeeld

Bekijk deze video om meer te leren. Klik op het pictogram Onderschrift (CC) om video-onderschrift in te schakelen in een van de beschikbare talen.